Excerpt for Valentijns grootste geschenk by Syndira Satijn, available in its entirety at Smashwords

This page may contain adult content. If you are under age 18, or you arrived by accident, please do not read further.

Valentijns grootste geschenk

Syndira Satijn


Cover: Anaïd Haen

Published by E-publikant at Smashwords


Copyright 2009 Syndira Satijn


Smashwords Edition, License Notes

This ebook is licensed for your personal enjoyment only. This ebook may not be re-sold or given away to other people. If you would like to share this book with another person, please purchase an additional copy for each recipient. If you’re reading this book and did not purchase it, or it was not purchased for your use only, then please return to Smashwords.com and purchase your own copy. Thank you for respecting the hard work of these authors.


Smashwords Editie, Licentie

Dit e-book is uitsluitend voor uw persoonlijke plezier. Dit e-book mag niet worden doorverkocht of doorgegeven aan iemand anders. Als u dit boek wilt delen met iemand anders, dan koop alstublieft een extra exemplaar voor elke ontvanger. Als u dit boek leest en u hebt het niet gekocht, of het was niet gekocht voor uitsluitend uw gebruik, dan ga alstublieft naar Smashwords.com en schaf uw eigen exemplaar aan. Dank u voor het respecteren van het harde werk van deze auteurs.




Valentijns grootste geschenk


1


Meiden, voor jullie twee zal dit verhaal moeilijk zijn. Te veel informatie over mij, details die jullie nooit wilden weten. Maar meer kan ik niet over hem vertellen. Als het moeilijk wordt, dan doe maar alsof ik iemand anders ben. Laten we zeggen dat ik Janet Allicht heet. Dat is dicht genoeg bij mijn echte naam.


Uit mijn ooghoek zag ik de laatste zonnestralen verdwijnen. Ik keek op van de stapel boeken die ik aan het ordenen was en zag om. Door de ramen op het westen zag ik een levendig mengsel oranje en rood achter de wolken en wolkenkrabbers.

De moed zakte me in de schoenen. De wolkenkrabbers voelden aan als tralies van een gevangenis. Die gevangenis was mijn leven. De zon was jaren geleden ondergegaan en had slechts resten rood en oranje overgelaten.

Goed, ik had het respect verdiend van de meisjes met wie ik samenwerkte, nu ik benoemd was tot assistent hoofdbibliothecaresse. Over drie jaar zou de “Toverkol” (zoals we haar noemden) met pensioen gaan. Ik zou het nieuwe hoofd worden. Eindelijk, na jaren ploeteren.


Ik had dit werk gevonden een paar maanden nadat mijn man me had ingeruild voor een jonger model. Ex-man. Vreemd dat ik hem nog steeds “mijn man” noem.

Ondanks dat ik zijn rechtenstudie had gefinancierd als serveerster in een toplessbar, had hij het zo gedraaid dat hij me geen alimentatie hoefde te betalen.

Ik maalde daar toen niet om. Vechten om geld was beneden me. Echte liefde had ons bijeengebracht. Toen die uit elkaar was gevallen, deed niets er meer toe.

Het enige wat ik uit zijn huis had meegenomen, was de Elmopop die hij bij ons eerste afspraakje op de kermis gewonnen had.


We waren bij elkaar geweest sinds de middelbare school. We hadden toen alles uitgestippeld: een huis met een tuin, twee kleine meisjes en een hond. Het standaard sprookje. Tim en ik wilden ons eigen gezinnetje.

Hij wilde zo graag kinderen. Maar we moesten wachten tot na zijn afstuderen. Tot nadat hij die grote zaak had afgerond. Tot nadat hij zijn eigen praktijk had opgezet. Advocaten: allemaal beroepsleugenaars. God, wat was ik naïef.


Een week na mijn eenendertigste kondigde hij aan dat hij een ander had. “Je weet toch dat het tussen ons niet meer loopt?”

Dat wist ik niet. Ja, Tim had nauwelijks meer tijd om te praten. Laat staan voor seks. Maar dat kwam toch omdat hij zo hard moest werken?

“Kom, schatje, heb je in de spiegel gekeken?” zei hij. “Waarom heb je je zo laten gaan?”

Vooruit, ik was tien kilo aangekomen sinds mijn negentiende, toen we trouwden. Maar hij twintig.


Ik keerde terug naar de kermis op de avond nadat ik het tijdelijke baantje op de bieb had gekregen. En ik stak de Elmopop in brand achter het kaartjesloket van de achtbaan.

Nog eens tien kilo en acht jaar later en nog steeds schoof ik boeken in rekken. Wat begonnen was als een uitzendbaantje om de eindjes aan elkaar te knopen, was een ambitie geworden, een obsessie… mijn leven.

Ach, het was zo slecht niet. Ik hield van boeken. En dit baantje gaf me een appartementje en een relatief comfortabele levensstijl. Nooit meer zou ik afhankelijk zijn van een vent. Dat was het laatste wat ik wilde in mijn leven: nog zo’n leugenaar. Ik was vrij.

Dus waarom voelde ik me gevangen, alsof ik het belangrijkste miste? Waarom wilde ik voortdurend gillen: “Haal me hier weg?”

Wie zou ernaar luisteren?


Ik keek rond. Ouwe Geertje zat zoals altijd met haar vergrootglas de krant te lezen. Twee studenten in de hoek maakten aantekeningen uit dikke pillen met onbegrijpelijke wiskundeformules. Een van hen was een nerd. Alleen het plakbandje op zijn bril ontbrak.

De andere zag er best lekker uit. Zijn lange, slanke vingers gingen door zijn korte haar dat bijna dezelfde kleur roodbruin was als mijn paardenstaart. Ik stelde me voor hoe die vingers zich vastklemden rond mijn tepels, stevig maar teder. Ik sloot mijn ogen en voelde mijn linker tepel hard worden terwijl ik zijn hand op mijn borst zag. Zijn tong maakte de kloof tussen mijn borsten nat en bewoog zich omlaag, zoekend naar het volgende controlepunt in mijn navel…

Helaas was hij een melkmuiltje. Hij zou een rijpe vrouw niet aankunnen. En ook niet geïnteresseerd zijn in iemand van mijn leeftijd, met diepe groeven in haar voorhoofd, uitgezakte borsten en een kont waarop een zevenkoppig kannibalengezin een week zou kunnen overleven.

Een man in een anorak streek achter me langs. Ik voelde zijn ogen langs mijn lichaam glijden. Mijn schaamlippen zwollen op. Ik hield mijn buik in. Ik wist altijd wanneer een man naar mijn kont keek. Vier jaar in de toplessbar hadden me een zesde zintuig ervoor gegeven.

God, ik genoot ervan als mannen naar me keken. Ik betrapte mezelf vaak erop te grijnzen bij de gedachte wat de meisjes hier zouden denken als ze wisten van mijn oude baantje. Ik was toen zo’n succes.

Nu sleepte mijn kont al die extra kilo’s mee, hoofdzakelijk te wijten aan chocoladepudding. Ik voelde me schuldig omdat ik niet in staat was vast te houden aan een dieet.

Het schuldgevoel zakte weg toen ik de alcoholadem van de man rook en zijn ongeschoren kin zag. Mijn linker tepel trok zich terug.

Ik keek weer langs de neonverlichte boekenrijen. Waar was die houtbewerkingsalmanak?

“Janet,” schreeuwde Cindy.

Ik draaide mijn hoofd en wilde haar een boze blik toewerpen. Stomme koe. Ze werkte hier al zes maanden en had nog steeds niet geleerd om niet te schreeuwen in een bibliotheek.

Mijn boosheid veranderde in verbazing toen ik haar op me af zag lopen met een rode roos en een zwarte envelop met zilveren krijtstreepjes.

Verdomde Valentijnsdag. De meisjes hadden het er de hele dag over. Ik had in jaren niks gekregen op Valentijnsdag. En niks gegeven. Ik vond die dag slechts het zoveelste commerciële trucje van de detailhandel. Hoe durven ze ons te willen laten geloven in de leugens en illusies van liefdesverhaaltjes en sprookjes? Alleen maar om onze zuurverdiende centjes uit onze zak te kloppen, terend op onze dromen en teleurstellingen.

“Dit is voor je gebracht.” Cindy hijgde haar blonde longetjes eruit. Waarom ze hakken en een roze jurk bleef dragen in een bibliotheek zal ik nooit begrijpen. Wacht maar tot ze vijfentwintig was. “Door een koerier.”

Verbaasd rook ik aan de roos en keek naar de envelop in mijn handen.

“Waar wacht je op?” zei ze.

Achter haar naderde Trudy, haar ogen gefixeerd op de roos. Trudy droeg verstandige platte schoenen en een verstandige trui en spijkerbroek, net als ik. Ze werkte hier twee keer zo lang als ik. Ze was een deel van het meubilair. Dat zou ik ook ooit worden: een stoffig boek dat niemand meer leest.

De studenten keken op en glimlachten.

Zelfs Geertje legde haar vergrootglas weg.

Er golfde warmte door me heen, van mijn tenen tot mijn hoofd. Het voelde zoals ik had gelezen dat opvliegers zouden voelen. Zeg niet dat die al beginnen!

Al die starende speldenprikken. Ik wilde door de grond zakken. “Houd je me voor de gek, Cindy?”

Ze schudde haar hoofd en stak haar handen uit alsof ze probeerde een naderende auto te stoppen. “Ik heb er niks mee te maken. Een koerier bracht hem zojuist.”

“Dat is waar.” Trudy zette haar bril recht. Ze stond naast Cindy en legde haar handen op haar heupen die leken alsof ze een oceaanstomer konden dragen. “Hij is net weg.”


Met een zucht scheurde ik de envelop open. Dit stond erin:


Lieve Janet,


Ik heb je geobserveerd.

Je hebt een geweldige baan,

Je werkt hard,

Je bent goed in je werk,

Je hebt een groot hart,

Je hebt een groot huis,


Purchase this book or download sample versions for your ebook reader.
(Pages 1-6 show above.)